Een ware uitdaging om het binnenland van Suriname te beleven!
Per mountainbike fietsen we door het savannegebied, over bauxietwegen en over smalle junglepaden. De tocht gaat over 5 etappes en is in totaal 304 km lang. De etappes variëren van 49 tot 72 km en verschillen enigszins in zwaarte.
Gedurende 6 dagen wordt u begeleid door een team bestaande uit een ervaren gids, een volgauto en een technicus. De gids zal met u meefietsen en u begeleiden en informeren over al het schoon u onderweg tegenkomt. De chauffeur die uw bagage vervoert, heeft proviand, kookgerei, tenten, matjes en hangmatten aan boord en is verantwoordelijk voor de verzorgen tijdens de stops. De technicus heeft reservemateriaal en gereedschap bij zich en zal ervoor zorgen dat uw mountainbike in goede conditie blijft. De overnachtingen gebeuren deels in bivakkampen en langs kreken waar u zich kunt wassen en verpozen. U slaapt in tenten van de organisatie. In Witigron en in Apoera slaapt u in guesthouses.
Flora en fauna zullen niet ontbreken tijdens deze tocht; vogels, insecten, reptielen en zoogdieren in tal van soorten, wie weet is er een ontmoeting met een jaguar. Ook zult u er niet van op moeten kijken, wanneer u voor het velddiner samen met de begeleider een maaltje vis gaat vangen.
Programma: Dag 1 brengt de bus ons naar Zanderij, waarna we beginnen te fietsen. Deze etappe is een 70 km lange etappe, die makkelijk begint en gaandeweg in moeilijkheidsgraad stijgt. Na 4km passeren we de luchthaven en vervolgen we onze weg over een droge bauxietweg. Door passerend verkeer stuift het voortdurend. Enige gezichtbescherming is aan te bevelen (monddoek, pet en zonnebril). Er zijn onderweg kleine nederzettingen, een recreatieplas met accommodatie en u treft op meerdere plaatsen gekapt hout aan, klaar voor verzending en verwerking. Het tweede deel van de route is pittig met veel kuilen, vaak vol met water op schaduwplekken, waar het al lastiger wordt om die zonder natte voeten te passeren. Na 70 km is links van de weg het eerste bivak , met rechts een paadje naar de kreek (Kabokreek).
Dag 2 is vooral door de lengte een pittige etappe. Het eerste stuk is redelijk tot zeer goed te fietsen. Na ruim 30 km volgt er een slecht middengedeelte. Dan wordt het weer beter en vooral de laatste kilometers maken de route toch zwaar. Ook vandaag nog enkele dorpjes. De fiets zal een eerste schoonmaakbeurt behoeven. Voor het eerst ook kennismaking met door passanten verzaagde omgevallen bomen. Op Witagron, een marrondorp van de stam Kwinti zullen we ons kamp opslaan.
Dag 3 is een andere etappe dan de twee voorgaande. Veel ruigere natuur, waarbij beschermende kleding is geboden, voor zowel armen als benen. Grote stukken van de route zijn overgroeid met ”wacht een beetje”, een struik met allemaal scherpe weerhaakjes aan z´n takken. Het vergt veel stuurmankunst om hier doorheen te manoeuvreren. Vandaar deze relatief korte route door moeilijk beschaduwd terrein, waarbij de kuilen vaak vol water staan.
Dag 4 Vertrekken we vanuit Mazonia richting van Amskreek. Deze etappe lijkt veel op de voorgaande, maar moet als zeer pittig worden aangemerkt. Heel veel “wacht een beetje”- struiken. Wat deze route extra zwaar maakt zijn de pittige heuvels, uiteinden van het Bakhuis Gebergte. Door de hevige regenbuien zijn er diepe geulen ontstaan, soms over de volle breedte van de wegen. Daar is goede stuurmanskunst vereist. De stevigste beklimmingen zitten op het eind, dus extra goed opletten. Zeker in de afdalingen! In het laatste stuk rijdt u concessiegebieden binnen, waar hout wordt gekapt. Dit gedeelte van de weg is veel breder en beter te berijden. Na de lunch brengen we een bezoek aan de Blanche Marie vallen, per bus. Het bivak is bij de Amskreek!
Dag 5 Deze etappe is compleet anders dan de voorgaande. Op dit traject dat bestaat uit grote brede wegen heerst weer grote bedrijvigheid. Dit is concessiegebied waar hout wordt gewonnen. Ook is er een grintfabriek. Om dit gebied goed te kunnen ontginnen is in 1970 een spoorlijn gereed gekomen, die parallel aan de weg naar Apoera leidt. Echter deze lijn is nooit in gebruik genomen net zo min als het treinservicestation vlak voor Apoera. Het eerste gedeelte van deze etappe heeft wat uitdagingen vanwege de aantal beklimmingen en afdalingen en wordt na de afslag naar de Blache Marie Vallen weer vlak. Net als het begin eindigt deze tour stoffig door de vele passerende vrachtauto´s! Verveling (lang en rechtuit) kan het laatste deel van het traject een rol spelen. Op Apura slaan we onze tenten weer op.
Dag 6 laten we ons per boot afzetten op Nw. Nickerie, vanwaar we per bus verder reizen naar Paramaribo.